De fase wanneer curatieve zorg overgaat in palliatieve zorg is niet precies aan te geven. De ziekte ALS duurt vaak meerdere jaren. In de palliatieve fase richt de zorg zich op comfort van de patiënt en worden voor- en nadelen, in het licht daarvan, tegen elkaar afgewogen. Dit in tegenstelling tot de behandeling, waarvan de belasting en bijwerkingen noodzakelijkerwijs worden geaccepteerd.
Het ALS-team dat gespecialiseerd is in de behandeling van ALS is in de terminale fase van de ziekte vaak betrokken en bereikbaar voor advies voor een thuis of in een zorginstelling verblijvende patiënt. Er zijn geen gespecialiseerde thuiszorgorganisaties of hospices. Cliënten kunnen verzorgd worden in (highcare) hospices, op een palliatieve afdeling in een verpleeghuis of door wijkverpleging met palliatieve zorg.
Somatische symptomen zijn o.a. benauwdheid door verzwakking van ademhalingsspieren, extreme vermoeidheid, spierzwakte en verlamming, dysfagie (slikproblemen), overmatige speekselvloed of juist een droge mond, pijn en spierkrampen, anartrie (spraakverlies).
Psychische symptomen zijn o.a. angst en paniek door benauwdheid of controleverlies, angst voor verstikking, somberheid en depressieve gevoelens door verlies van functies en toekomst. Soms zijn er cognitieve en/of gedragsveranderingen.
Gedurende de progressie van de aandoening komen vermoedelijk de meeste cliënten te overlijden als gevolg van verzwakking van de ademhalingsspieren. Tijdens de achteruitgang bij de ALS-cliënt biedt het kwaliteitskader palliatieve zorg [17] ondersteuning. En specifiek de richtlijn palliatieve zorg [18] bij ALS.
In de laatste fase van ALS en PSMA worden de ademhalingsspieren steeds zwakker, waardoor de ademhaling afneemt en men uiteindelijk overlijdt. Uit onderzoek blijkt dat ruim 90 procent van de mensen rustig overlijdt.
Er zijn de afgelopen jaren diverse onderzoeken verricht naar de wijze waarop mensen met ALS overlijden. Uit zowel Engels, Duits en Nederlands onderzoek bleek dat tussen 88 en 98 procent vredig is gestorven. Geen enkel persoon is door verstikking om het leven gekomen, ook niet als gevolg van verslikken [19].
Bij een kleine groep was sprake van onrust, angst en soms psychotische kenmerken. Slechts 11 procent van de mensen overleed plotseling en onverwacht. Bij deze groep is onbekend of er sprake is geweest van een hoge luchtwegobstructie [22].
Door toename van de zwakte van de spieren wordt de ademhaling minder. Er ontstaat een toenemende respiratoire insufficiëntie (te weinig ademhaling) met als gevolg een koolzuurstapeling in het bloed. Uiteindelijk treedt een bewustzijnsdaling op door de verhoogde koolzuurspiegel. Deze bewustzijnsdaling maakt dat de persoon weinig of zelfs geen benauwdheid ervaart. Veel mensen met ALS overlijden in hun slaap of glijden opeens weg. Een enkele keer is er sprake van een overlijden ten gevolge van hartfalen of een longontsteking [20].
In de terminale fase is het belangrijk om voortdurend zorgvuldig af te stemmen welke interventies bijdragen aan het optimaal comfort van de cliënt. Dit kan betekenen dat er ingrijpende en soms moeilijke beslissingen moeten worden genomen, zoals het moment waarop wordt besloten om te stoppen met sondevoeding of beademing.
Het tijdig bespreken van dergelijke dilemma’s tijdens het PZP-gesprek kan helpen om op het juiste moment weloverwogen en passende keuzes te maken, in lijn met de wensen en het welzijn van de cliënt.
Bij sommige mensen met ALS is het duidelijk wanneer het overlijden nabij is. Deze laatste fase kan ook onverwacht snel gaan. Soms komt het voor dat een persoon binnen een paar dagen of soms binnen een paar uur verslechtert en overlijdt. Symptomen die hierop wijzen zijn:
Verminderde uitzetting van de borst bij het inademen;
Zachter geluid bij het ademen;
Gebruik van hulpademhalingsspieren.
Het herkennen van deze symptomen maakt het mogelijk dat een persoon met ALS, naasten en huisarts zich kunnen voorbereiden op het naderend overlijden. Het biedt ook de gelegenheid voor de zorgverlener die het dichtst bij de familie staat om te praten over:
De tekenen van de naderende dood; wat zij kunnen verwachten in de laatste dagen en uren.
Hoe om te gaan met angst, pijn of kortademigheid die de persoon met ALS mogelijk ervaart.
Met wie er contact kan worden opgenomen voor advies over bv. behandelen van klachten, zorg rond het overlijden.
Hoe andere naasten betrokken kunnen worden bij de dagelijkse taken.
Andere ondersteunende maatregelen die nodig kunnen zijn, bv. inschakelen van nachtzorg.
Het zorgpad Stervensfase en de landelijke richtlijn Zorg in de Stervensfase kunnen helpen om de kwaliteit van zorg in de laatste levensdagen te optimaliseren [21,23].
Bij het overlijden is niet alleen het ziekteproces, maar ook het zorgproces geëindigd. Nabestaanden ervaren niet alleen een leegte door het overlijden van hun naaste met ALS, maar kunnen ook het abrupte einde van aanwezigheid of betrokkenheid van zorgverleners als een ingrijpende verandering ervaren. Het is goed om hier aandacht voor te hebben. De revalidatiearts, psycholoog of geestelijk begeleider kan hierbij behulpzaam zijn. Ook zijn er lotgenotencontacten waar steun kan worden gevonden.
Ook zorgprofessionals bouwen een band op met de mantelzorgers. Het is goed om hier aandacht voor elkaar voor te hebben en om hier gezamenlijk bij stil te staan [19].
16. Palliaweb, PATZ, wat is palliatieve zorg voor jou [Internet]. Beschikbaar via: https://palliaweb.nl/patz/peper-voor-de-patz/werkvormen/wat-is-palliatieve-zorg-voor-jou. [Geraadpleegd op 7 maart 2026].
17. Kwaliteitskader palliatieve zorg NL [Internet]. Beschikbaar via: chrome-extension://efaidnbmnnnibpcajpcglclefindmkaj/https://palliaweb.nl/getmedia/02b81c30-d9be-4c51-83bf-deb1260ccf7b/Kwaliteitskader_web-240620.pdf. [Geraadpleeg op 7 maart 2026].
18. Richtlijn palliatieve zorg bij ALS [Internet]. Beschikbaar via: https://palliaweb.nl/richtlijnen-palliatieve-zorg/richtlijn/als. [Geraadpleegd op 7 maart 2026].
19. ALS centrum, het overlijden [Internet]. Beschikbaar via: https://als-centrum.nl/kennisbank/het-overlijden/. [Geraadpleeg op 7 maart 2026].
20. ALS centrum, kennisbank [Internet]. Beschikbaar via: https://als-centrum.nl/kennisbank/?filters%5Btheme%5D%5B%5D=76&sorting=&_page=1. [Geraadpleeg op 7 maart 2026].
21. Palliaweb, zorgpad stervensfase [Internet]. Beschikbaar via: https://palliaweb.nl/zorgpraktijk/zorgpad-stervensfase. [Geraadpleegd op 7 maart 2026].
22. Maesen. M., Veldink, J.H., et al. 2014. Euthanasia and physician-assisted suicide in amyotrophic lateral sclerosis: a prospective study. J Neuro, 2014 Oct;261(10).
23. Stichting PZNL. Zorg in de stervensfase [Internet]. Richtlijnen Palliatieve Zorg. 2023. Beschikbaar via: https://palliaweb.nl/richtlijnen-palliatieve-zorg/richtlijn/stervensfase. [Geraadpleegd op 9 maart 2026].